Bewijs

‘Wie eist, bewijst!”. Dat is een beetje gechargeerd de hoofdregel van het Nederlandse bewijsrecht. Eigenlijk staat er in de wet dat de partij die zich beroept op rechtsgevolgen, het bewijs daarvan draagt. Dit kan dus zowel de eiser als de gedaagde zijn. Bewijs is er in vele verschillende soorten. Van schriftelijke stukken en getuigenverklaringen tot bijvoorbeeld, om maar eens iets te noemen, zwembadwater. De plicht tot het leveren van bewijs moet niet onderschat worden. Het alleen maar stellen van bepaalde feiten, houdt nog niet in dat die feiten bewezen zijn. Ook al lijken ze nog zo logisch. Als de wederpartij uw stellingen namelijk betwist (tip voor de wederpartij: betwist stelling voor stelling alles wat de andere partij stelt!), bent u gehouden om uw stellingen te bewijzen. Soms kan dat niet. Het meest eenvoudige voorbeeld is dat iemand u een toezegging heeft gedaan in een gesprek. Later houdt deze persoon zich niet aan zijn toezegging. Als u in de juridische procedure stelt dat die toezegging is gedaan en de wederpartij betwist dat, dan moet u die toezegging bewijzen. Tenzij u het gesprek heeft opgenomen, wordt dat knap lastig. Natuurlijk kunt u aanbieden om zelf te getuigen, maar helaas stelt de wet dat als een partij zelf getuigt, er tenminste nog een ander bewijsmiddel moet zijn om het bewijs als geslaagd te kunnen zien. U zou om hieraan te kunnen voldoen ook degene die de toezegging heeft gedaan kunnen laten horen als getuige, maar de kans is natuurlijk groot dat die zich de toezegging ‘niet meer kan herinneren’ of simpelweg betwist dat hij een toezegging heeft gedaan. Het gevolg is dat u niet slaagt in uw bewijs en uw vordering zal uiteindelijk dus worden afgewezen.

Bewijs

 

 

 

 

 

 

 

 

Bewijsaanbod

Het is van belang om duidelijk te stellen hoe u uw stellingen kunt bewijzen. Als er bijvoorbeeld bij die hierboven genoemde toezegging nog een derde persoon aanwezig was, dan kunt u stellen dat de toezegging is gedaan en dat u bewijs aanbiedt door het laten getuigen van die derde persoon. Dit is een specifiek bewijsaanbod. In de dagelijkse praktijk komen wij heel vaak een algemeen bewijsaanbod tegen. Dit luidt dan bijvoorbeeld als volgt: “eiser/gedaagde biedt aan zijn stellingen te bewijzen door alle middelen rechtens, in het bijzonder door middel van getuigen”. De rechter kan hier simpelweg aan voorbijgaan, omdat dit bewijsaanbod niet specifiek genoeg is. Het gevolg is dat de rechter zal oordelen dat u uw stellingen niet voldoende hebt bewezen en daar ook niet meer de kans voor krijgt, waarna de vordering zal worden afgewezen. Biedt dus specifiek aan om al het bewijs wat u mogelijk hebt in de procedure te brengen. De rechter kan er dan niet om heen en zal u in de gelegenheid moeten stellen om het bewijs te leveren.

Overigens vindt u hier alle informatie over het getuigenverhoor, mocht het zover komen. Voor alle vragen over bewijs, digitaal procederen of zelf procederen, neemt u vrijblijvend contact met ons op of navigeer zelf door onze website!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.